4 december 2017

Uit het familiealbum 2

>Twee generaties Bastian. Mijn vader en mijn opa. Ik weet niet waar te beginnen en waar te eindigen. Of waar het ophoudt. Of het sowieso ergens ophoudt.

Laat ik om te beginnen enkele feiten vermelden. Mijn opa had voor WOII een drukkerij, De Magneet, in Rotterdam Zuid, gevestigd aan de Strijensestraat. Daar werden onder andere reclameblaadjes van de locale middenstand gedrukt, de winkeliers van de Beijerlandselaan en Groene Hilledijk. Ook maakten ze de aankondigingen van de thuiswedstrijden van Feijenoord met de spelersopstelling. Mijn vader verkocht de folders op de dag van de wedstrijd. Waar hij precies heeft gestaan weet ik niet, want ik kan het niemand meer vragen. Ik denk bij de luchtbrug en de trappen naar het stadion. Hij voetbalde trouwens zelf ook in een van de lagere elftallen van Feijenoord.

Toen de oorlog uitbrak heeft mijn opa illegaal drukwerk gemaakt en verspreid, onder andere artikelen van ‘De Waarheid’. In de familie was het niet altijd pais en vree. Mijn vader en zijn broer, die ook in de drukkerij werkte, hadden andere opvattingen en dat botste geregeld. Vermoedelijk door verraad, maar dat is nooit helemaal duidelijk geworden, en door wie, is mijn vader in 1942 door de Duitsers opgepakt en gevangengezet in Scheveningen. Mijn opa voelde zich zo schuldig dat hij zichzelf aangaf in ruil voor de zoon. Daar gingen ze niet op in. In plaats daarvan werd ook mijn opa vastgezet. Hij moest ergens in Duitsland aan het werk. Mijn vader kwam eerst in kamp Vught terecht en uiteindelijk als politiek gevangene in het Nacht und Nebel concentratiekamp Natzweiler. De ontberingen waren enorm en onbeschrijflijk. Misschien ga ik daar ooit verder op in. Ik volsta nu met een samenvatting.

Aangezien Natzweiler officieel niet op de kaart stond in Nazi-Duitsland, werden alle gevangenen die nog leefden in 1945 overgebracht naar Dachau, het liep toen tegen het einde van de oorlog. Dachau werd bevrijd. Mijn vader was sterk verzwakt en vermagerd. Hij werd pas na enkele maanden door Nederlandse landgenoten opgehaald in Duitsland, mede door de inspanningen van Pim Boellaard, een kampgenoot.

Na de oorlog zagen mijn vader en mijn opa elkaar pas weer terug. Mijn opa is kort daarop overleden. De doodsoorzaak is niet duidelijk. De broer beweerde dat hij was vergiftigd vanwege een relationele kwestie met een ex-vriendin van diezelfde broer. Mijn vader heeft altijd gedacht dat het zijn hart was.

Daarna viel de familie als los zand uit elkaar. Ondanks meerdere pogingen in harmonie verder te gaan is dat niet gelukt. Ik heb mijn vaders familie daarom maar heel beperkt meegemaakt. Uiteindelijk is elk contact met de broers en zussen en de moeder, mijn oma, verbroken.

Geen opmerkingen: